Wat is de rol van de officier van justitie in het strafproces?

De officier van justitie bepaalt of een verdachte voor de rechter wordt gebracht. De officier vertegenwoordigt het Openbaar Ministerie (OM) in de rechtszaal, in het bijzonder in strafzaken. Het OM is belast met de leiding over opsporing en vervolging van strafbare feiten.

Proces-verbaal

Alle bevindingen van de politie worden opgeschreven in een proces-verbaal. Het dossier met die stukken, de processen-verbaal, gaat naar de officier van justitie. Die beoordeelt of alle feiten duidelijk zijn en hoe sterk het bewijs is in een zaak.

Dagvaarding

Besluit de officier van justitie de verdachte voor de rechter te brengen, dan stuurt hij die een dagvaarding. Daarin staat precies omschreven waar iemand van wordt verdacht en wanneer hij moet voorkomen. In sommige gevallen krijgt de verdachte direct bij zijn vrijlating uit de politiecel de dagvaarding uitgereikt.

Snelrecht

Moet de verdachte al na een paar dagen voorkomen, dan wordt dat snelrecht of lik-op-stuk-beleid genoemd.

Nader onderzoek

De officier van justitie kan ook besluiten dat nader onderzoek nodig is. Als hij vindt dat de verdachte tijdens dat onderzoek vast moet blijven, moet hij de rechter-commissaris vragen voorlopige hechtenis op te leggen.

Seponeren

Het gebeurt regelmatig dat de officier van justitie besluit niet te vervolgen. Dat heet seponeren. Na een sepot is de zaak afgedaan. Een reden voor een sepot kan zijn dat de officier van justitie geen vertrouwen heeft in een proces omdat het bewijs te mager is. Of hij kan persoonlijke omstandigheden van de verdachte of andere bijzondere omstandigheden laten meewegen. De officier van justitie kan aan een sepot ook voorwaarden verbinden: bijvoorbeeld dat iemand zich onder behandeling stelt of schadevergoeding betaalt aan het slachtoffer. Daarnaast kan de officier ook besluiten de zaak te schikken. Tegen betaling van een boete seponeert hij dan de zaak. Wil de verdachte dat niet, dan zal hij de zaak wel aan de rechter voorleggen.