Wat is een observatiemachtiging in de Wet BOPZ?

Met een observatiemachtiging wordt iemand die gedwongen is opgenomen in een psychiatrische instelling alleen maar geobserveerd. Dit gebeurt ten eerste om te zien of er bij de betrokkene sprake is van een geestesstoornis. Ten tweede of die eventuele geestesstoornis gevaar oplevert voor de persoon zelf. De patiënt die in het psychiatrisch ziekenhuis verblijft op basis van een observatiemachtiging kan niet tegen zijn of haar wil worden behandeld.

Doelgroep

De observatiemachtiging is bedoeld voor:
mensen die iedere vorm van begeleiding weigeren;
mensen van wie (nog) niet bekend is of zij voldoen aan de voorwaarden voor een rechterlijke machtiging of een inbewaringstelling.

Geen observatiemachtiging nodig

De observatiemachtiging heeft geen zin voor mensen waarvan al duidelijk is dat zij lijden aan een stoornis van de geestvermogens en een gevaar vormen voor zichzelf. Het gaat dan om:

  • mensen met een psychogeriatrische stoornis;
  • mensen met een verstandelijke handicap;
  • mensen die alleen hinder veroorzaken voor anderen door bijvoorbeeld overlast of die op straat zwerven.

Voor bovenstaande personen moet een voorlopige of een voorwaardelijke machtiging worden aangevraagd of in geval van spoed een inbewaringstelling.

Voorwaarden

Een observatiemachtiging is alleen mogelijk als is voldaan aan de volgende voorwaarden:
er bestaat een ernstig vermoeden dat de betrokkene een geestesstoornis heeft;
er bestaat een ernstig vermoeden dat dóór deze stoornis de betrokkene een gevaar voor zichzelf is;
dat gevaar kan alléén worden afgewend door opname in een psychiatrisch ziekenhuis;
de betrokkene is niet bereid tot een vrijwillige opname;
minderjarigen tussen de twaalf en achttien jaar waarvan beide ouders geen gedwongen opneming of verblijf willen of wanneer zij het onderling oneens zijn;
minderjarigen tussen de twaalf en achttien jaar die niet bereid zijn tot een vrijwillige opname en verblijf.

Duur

De observatiemachtiging is maximaal drie weken geldig. Verlenging is niet mogelijk. Toch kan iemand voor maximaal vijf weken in het ziekenhuis verblijven met de observatiemachtiging. Dat komt omdat die machtiging maximaal twee weken kan voortduren als er aansluitend op de observatiemachtiging een andere machtiging aan de rechter is gevraagd, bijvoorbeeld een inbewaringstelling.

Aanvragen

De familie vraagt de machtiging aan via de officier van justitie. De officier kan ook zelf aan de rechter de machtiging aanvragen. Ook de ambulante geestelijke gezondheidszorg (Riagg’s of poliklinieken van GGZ-instellingen) kunnen de officier van justitie vragen om een observatiemachtiging aan te vragen.

Behandeling

De cliënt kan niet worden behandeld tegen zijn of haar wil. Er wordt wel een behandelaar aangewezen en een behandelingsplan opgesteld, maar dat kan alleen in overleg met de betrokkene. Het behandelingsplan heeft alleen betrekking op de observatie. Er is geen sprake van een dwangbehandeling en het toepassen van middelen of maatregelen. Beperking van bezoek en van telefoonverkeer zijn niet mogelijk.
De huisregels van de instelling zijn op de betrokkene van toepassing, maar alleen op de algemene gang van zaken in de instelling. Dat betekent dat daarin geen bepalingen mogen staan die gelden voor een individuele patiënt. De huisregels bevatten afspraken over bijvoorbeeld het roken op de afdeling, het kijken van tv en dergelijke zaken.

Inwerkingtreding en evaluatie

De regelgeving betreffende de observatiemachtiging is op 1 januari 2006 inwerking getreden voor een periode van drie jaar. De eerste twee jaar wordt de machtiging beoordeeld op doeltreffendheid en effecten. Aan de hand van het evaluatieverslag wordt besloten of de observatiemachtiging, na de tijdelijke geldigheidsduur van drie jaar, wordt voortgezet of niet. In het laatstgenoemde geval komt de regeling van de observatiemachtiging drie jaar na inwerkingtreding te vervallen.