Wie hebben een onderhoudsverplichting?

Er is een onderhoudsplicht voor:

  • getrouwde en geregistreerde partners;
  • ex-partners;
  • ouders en kinderen.

Getrouwde en geregistreerde partners

Getrouwde en geregistreerde partners moeten elkaar volgens de wet hulp en bijstand geven en elkaar het nodige verschaffen. Zij moeten allebei, behalve onder bijzondere omstandigheden, bijdragen in de kosten van de huishouding. U kunt daar in de huwelijkse voorwaarden of in de partnerschapsvoorwaarden andere afspraken over maken.

Wijzigen afspraken door de rechter

De rechter kan zulke andere afspraken op verzoek van één partner of beide partners wijzigen. Tegen een beslissing van de rechter op zo een wijzigingsverzoek is beroep mogelijk.

Ex-partners (huwelijk of geregistreerd partnerschap)

Als mensen officieel uit elkaar gaan, houden de verplichtingen van het huwelijk of het geregistreerd partnerschap op. Maar voor de onderhoudsverplichting ligt dat anders. De verplichting om financieel voor elkaar te zorgen, vervalt niet als mensen gaan scheiden. Heeft één van de ex-partners niet voldoende inkomsten, dan moet de ander in principe alimentatie betalen.

Einde plicht betalen alimentatie

De plicht om alimentatie te betalen houdt op als de ex-partner aan wie moet worden betaald, trouwt of gaat samenwonen met iemand anders alsof zij getrouwd of een geregistreerd partnerschap aangegaan zijn.

Ex-partners (samenwonen)

Wanneer u niet gehuwd bent geweest of een geregistreerd partnerschap bent aangegaan en uw samenwoningsrelatie is beëindigd, heeft de ex-partner geen wettelijk recht op alimentatie. U kunt zelf afspraken maken over de betaling van alimentatie na het beëindigen van uw samenwoningsrelatie, bijvoorbeeld in een samenlevingscontract.

Ouders en kinderen

Als ouder moet u voor uw kinderen de kosten van verzorging en opvoeding betalen, totdat zij achttien jaar zijn. Als uw kind meerderjarig wordt, houdt uw financiële verplichting niet op. U heeft voor uw kinderen van achttien, negentien en twintig jaar een voortgezette onderhoudsplicht. Dit betekent dat u de kosten van levensonderhoud en studie moet betalen.

Gehuwd of geregistreerd kind

Is uw kind gehuwd of is uw kind een geregistreerd partnerschap aangegaan, dan geldt de onderhoudsplicht ook. Maar de onderhoudsplicht van de echtgenoot van uw kind gaat echter boven de onderhoudsplicht van de ouders.

Regeling bij scheiding

Omdat ouders altijd voor hun minderjarige kinderen moeten zorgen, moet bij een scheiding voor de minderjarige kinderen een regeling worden getroffen. En omdat de financiële verplichting van de ouders doorloopt tot een kind 21 jaar is, moet ook voor de meerderjarige kinderen van achttien, negentien en twintig jaar een financiële regeling worden getroffen.

Financiële verplichting tot 21 jaar

Als één van de ouders alimentatie voor een kind betaalt, loopt die betaling door tot het kind 21 jaar is. Pas dan stopt in principe de financiële verplichting van de ouder. Financiële verplichtingen van ouders staan los van het gezag.

Onderhoudsplicht bij gezamenlijk gezag van ouder en niet-ouder

Het is mogelijk dat één van de ouders samen met een partner die niet de ouder van het kind is, het gezamenlijk gezag over een kind uitoefent. De niet-ouder heeft dan net als de ouder een onderhoudsplicht. Houdt het gezamenlijk gezag op te bestaan en wijst de rechter het gezag toe aan de ouder, dan blijft deze ouder onderhoudsplichtig tot het kind 21 jaar is. Ook de niet-ouder die niet langer het gezag heeft, heeft dan nog een onderhoudsplicht. Deze duurt net zo lang als het gezamenlijk gezag heeft geduurd. Als het gezamenlijk gezag bijvoorbeeld vijf jaar heeft geduurd, duurt de onderhoudsplicht nog vijf jaar voort na het beëindigen van het gezamenlijk gezag. In uitzonderingsgevallen kan de rechter een langere periode vaststellen. Was er geen sprake van gezag van de niet-ouder, dan houdt voor de niet-ouder de onderhoudsplicht op als het huwelijk of het geregistreerd partnerschap is beëindigd.

Samenloop onderhoudsverplichtingen

De onderhoudsverplichting van de niet-ouder met gezag kan samenlopen met die van de (andere) ouder die niet met het gezag is belast (de ex-partner). De onderhoudsplicht van de ouder die niet met het gezag is belast, eindigt niet door de onderhoudsverplichting van de niet-ouder met gezag. De omvang van de onderhoudsplichten hangt af van de omstandigheden van het geval, met name van de wederzijdse draagkracht en de bijzondere verhouding tot het kind.